Categorie archief: Culinaire Toestanden

Parkvoer

Ontspannen, dat lukt me nog makkelijkst tussen mijn potten en pannen. Het had gisteravond wat voeten in de aarde, wegens behoorlijk overstuur na een aanvaring met een bijzonder vriendelijke NMBS-medewerker. Maar uiteindelijk is het me wel gelukt. Zen word ik daarvan, van het prollen met eten.

Vandaag ben ik aan het werk in het centrum van Gent en ga ik met een collega picknicken onder de middag. Bij wijze van “doe eens iets anders” kan dat tellen. Deze morgen ben ik de tram opgestapt met twee loodzware tassen: eentje met mijn laptop annex papierwinkel en een met de hele lunchinhoud. Bordjes, bekertjes en aanverwante huisraad. Verse broodjes van bij de bakker. Twee soorten kaas. Een klein flesje wijn (yeps, zelfs dat). En 3 soorten veggiesmeersel: een klassieke tapenade met tomaat en pitjes, een experiment met witte bonen, zonnebloempitten en verse oregano, en kaviaar van aubergines met koriander en rode pepertjes.

Kaviaar van aubergines, vreemde term eigenlijk. Ik had er mij al eens aan gewaagd, maar ik denk dat ik dat toen ferm fout heb aangepakt. Maar deze keer: ow yeah. Zelfs als mijn emmer bij het minste overloopt, dan nog vind ik gelukzalige rust op het ogenblik dat ik gisteravond die ingekerfde donkerpaarse vrucht uit mijn oven kon halen. Zo mooi geroosterd aan de buitenkant, uitstekend te pellen, helemaal gaar en zacht en sappig. Perfect! Daar word een mens gelukkig van.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden

Asperges

’t Is ’t moment, en het zou zonde zijn om er niet volop van te profiteren. Asperges, van die schone Belgische. Ok, dat schoonmaken is een beetje gepruts, maar er zijn weinig dingen zo mooi en fris als die roomwitte, van versheid letterlijk piepende groensels.

Ik heb ze gisterenavond geserveerd met gerookte zalm en oesterzwammen. Enfin, zalm voor het bezoek, ik heb me netjes aan de paddenstoelen gehouden. Maar de uitgebreide versie zag er dus als volgt uit:

2 sneetjes gerookte zalm op een rechthoekig bord geschikt. De asperges er over gelegd. De oesterzwammen, aangestoofd in wat boter en look en bijgekruid met peper en grof zout, er bovenop.

Sausje gemaakt van sjalotjes en look, geblust met wat witte wijn en ingedikt met room. Bovenop de asperges netjes uitgelepeld. En afgewerkt met wat verse dille, een draai van de pepermolen en nog een paar korrels grof zout. En dat was lekker. Ha!

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden

Pollan

Ah ja, dat boek van Pollan, dat is dus al “op”. Beetje saaie dinges wel (7000 keer het woord diabetes op amper 190 pagina’s, dat krijgt zelfs iemand die daar een doctoraat over schrijft niet voor elkaar). Maar inhoudelijk was het boeiend, en het heeft de zaken eenvoudiger gemaakt. Ik begin er een beetje klaar in te zien, en er zijn een aantal regels die ik ondertussen in mijn hoofd heb geprent. Dit is mijn top 5:

  • Eat food: echt voedsel dus, en geen bewerkte spullen. Geen afgeroomde onzin (wegens: dan hebben ze er ook alle goede en voedzame stukken uit gegooid). Geen bizarre smaakjes en verpakkingen (byebye frambozensmaakyoghurtdrank). Geen voorverpakte rommel.
  • Koop niets dat meer dan vijf ingrediënten op de verpakking heeft staan: dit vind ik persoonlijk één van de bruikbaarste. Als je erover nadenkt, dan heeft echt voedsel maar één ingrediënt: zichzelf. En als je een aantal van die echte “zichzelven” bij elkaar gooit, dan moet je al een straffe mens zijn om aan meer dan vijf dinges te komen zonder er iets eetbaars en lekkers van gemaakt te hebben. Brood bijvoorbeeld. Zoals in het boek: bloem, water, gist, zout, einde. En je kan nog wat frollen met pitten en zaden, en melk of een eitjes of zo, maar in essentie is duidelijk dat een brood met 12 ingrediënten geen brood is, maar rotzooi.
  • Ga niet naar de supermarkt: dat is er dan weer eentje die ik niet zie zitten. In de week ben ik te laat thuis om nog boodschappen te gaan doen bij kleinhandelaars. En als ik alleen in het weekend kan inslaan, betekent dat dat ik een planningsstrategie moet ontwikkelen die ik omwille van allerlei eigenaardige kronkels in mijn kop nooit kan aanhouden. Plannen. Ik. In dezelfde zin. Wat een grap.
  • Als je dan toch naar de supermarkt gaat, blijf dan weg uit het midden: euh, ok, met uitzondering van de rayon Wijn. Maar voor de rest: de mens heeft een punt. Ik loop in mijn hoofd achtereenvolgens door de Colruyt, den Delhaize, de food-afdeling van de Makro, Denaldi, en ja hoor: elke keer hetzelfde.  De buitenste rijen bevatten: vlees, kaas, groenten, brood. In het midden: chips, snoepgoed, allerlei uitvindingen die vooral heel hard op voedsel lijken. Ok, de bloem staat daar ook, en de rijst, en de pasta en zo, maar in grote lijnen klopt het wel.
  • En mijn absolute favoriet: koop niets wat je overgrootmoeder niet als voedsel zou herkennen. Mijn overgrootmoeder kan ik me nog uitstekend herinneren (taai ras daar, in Harelbeke). ’t Was geen simpele madam. Maar ik schoot er echt wel goed mee op, en eigenlijk vind ik het idee om voortaan met Leontine te gaan winkelen een geweldig vooruitzicht. Dag meter, ’t is lang geleden maar hier ben ik weer. Wat denk je? Volle yoghurt of frambozensmaakyoghurtdrank? ’t Zou rap geregeld zijn 🙂

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden

Diepvriezer

Mijn diepvriezer is een halve vergeetput. Wat erin gestopt wordt heeft veel kans nooit meer boven water te komen. Ongeveer één lade bevat spullen die ik geregeld gebruik, en die dan ook regelmatig vervangen worden: bladerdeeg bijvoorbeeld (hoe iemand kan leven zonder de geruststellende gedachte dat er altijd bladerdeeg in de vriezer zit gaat mij totaal te boven), of zelfgemaakte fond. Diepvriesfruit (handig voor sausjes en smoothies), spruiten (yummie). Ijsjes. Dat is het zowat. De rest geeft meer problemen. Overschotjes en zo vries ik zelden in, omdat ik vergeet dat ze er zijn, en ook vooral omdat ik het gewoon leuker vind om nieuwe dingen te maken. Waarvan ik de overschot dan af en toe vol goede moed ook maar in de vriezer prop. Om er vervolgens niet meer naar om te kijken. Tot mijn moeder een paar weken later langskomt en ik opeens een uitweg heb voor alle reservepotjes pastasaus, stoofpot en soep.

Ik heb me in het kader van mijn nieuwe kijk op voedsel echter voorgenomen om grondig kuis te houden. Alles waarvan ik niet meer weet wat het is, of waarvan ik denk dat het langer dan drie maanden geleden werd ingevroren gaat eruit. Tot spijt van wie het benijd: de vuilbak in. De rest ga ik ofwel opeten (de groenten, de soep), ofwel klaarmaken en uitdelen (de twee varkenshaasjes die ik een kleine maand geleden heb gekocht in een bui van: je moet toch IETS in je vriezer hebben), twee eendeborstfilets, een kilo gehakt, en de calamares.

Gisteravond was alvast een goede start. Ik had me eigenlijk aan een avondje alleen verwacht, maar J stond aan de deur. En dus werd het in zeven haasten wat pasta in een kookpot pleuren en improviseren met wat er in de diepvriezer zat. Voor mij een restje pastasaus met quorn (waar ik nog wat extra tomaten heb bijgedaan) en voor hem een behoorlijke portie osso bucco. En dat was precies wel lekker, want die is volledig binnengegaan.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden

Mobiele catering

Morgen is er een lentedrink op het werk. Voor de mensen die allergisch zijn aan ambtenaren: hij sluit aan op een vergadering die rond halfdrie begint, wat betekent dat wij NIET de hele namiddag aan de zuip gaan op uw kosten. Zoals wel vaker gebeurt heb ik me opgegeven om een gedeelte van de catering voor mijn rekening te nemen. Dat wordt morgen dus met extra bagage de trein op (sorry, liefste co-pendelaars).

In de koelkast staan al twee soorten tapenade: een klassieke groen met olijven , tomaatjes, pijnpitten en basilicum. En een met zwarte olijven, sardientjes en parmezaanse kaas. Ik heb ook noten en rozijnen gemengd met witte chocolade, bij wijze van dessertje. En een koekjestaart, je kent dat wel… zo’n ouderwetse met veel botercrème. Voor de rest heb ik grisini’s met gerookte ham voorzien. En ansjovisjes. Ik heb geen zin in fanatiek gedoe, en mijn collega’s zijn daar wel voor te vinden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden, Werkdinges

Opgelijste zondes en verbeterpunten

Sinds 29 april probeer ik zo vleesloos als mogelijk door het leven te gaan. Ik kan niet wegstoppen dat ik af en toe behoorlijk zit te watertanden. Ik mis vooral de vetzakkerij, zoals van die onnozele salamidingeskes bij de aperitief en zo. En ook het idee van een leven zonder af en toe eens een behoorlijke, nog halfrauwe (sorry daarvoor) biefstuk zit me nog niet helemaal lekker.

In mijn vriendenkring doet het ook wenkbrauwen fronsen. Enkele mensen zijn bijzonder enthousiast, vooral een paar collega’s die voltijds of grotendeels voor de veggie-optie zijn gegaan. En ik wil het ook niet moeilijk maken voor anderen. Dus af en toe ga ik eens uit de bocht. Ik ben er nog niet aan uit hoe ik daarmee om moet gaan, eigenlijk. Wellicht zijn het pekelzondes, maar ergens blijft het wringen:

  • de eerste mei op restaurant, met mijn ma: garnaalkroket en eend
  • op moederdag: de asperges met garnalen die de mama met veel liefde zelf had gepeld
  • op het laatste kookfeestje: de onweerstaanbare geur van de braadresten na het bakken van coquilles in boter. Ik heb er een stuk brood in gedopt, en heb dat met veel smaak en evenveel schuldbesef naar binnen gespeeld.
  • het etentje bij de buren, waarbij de veggie quiche helaas geheel en al uit prei was opgetrokken en ik dus maar voor de broccoli-zalm-optie ben gegaan.

Er zijn vast ergere dingen in het leven, maar toch loop ik daar lastig van.

Het kan volgens mij trouwens ook op alle andere vlakken nog veel beter. Ik gooi teveel eten weg, wegens een absolute ramp in het plannen van mijn leven. Ik sorteer onvoldoende, al was het maar omdat ik het vertik van die groene larvenbakken te gebruiken (wegens: een rijhuis is niet geschikt om bakken met rottend eten door te slepen). Zuivel blijft een zwak punt. Melk en yoghurt afzweren zou misschien nog lukken (al vind ik dat behoorlijk lekker) maar van kaas kan ik echt niet afblijven. Ik vraag me ook af hoe gezond het allemaal is. Uit gemakzucht val je toch vaak terug op zo’n veggieburger, en ik weet niet in hoeverre die dingen echt goed voor je zijn.

Aan de andere kant: het heeft ook zijn goede punten. Ik eet nog steeds teveel troep, maar volgens mij ook wel meer dingen die echt goed voor me zijn. Dus niet meer: staand voor de koelkast een half pak gekookte ham naar binnen werken, maar wel: knabbelen op dadels en pompoenpitten en dergelijke. Ik voel me fysiek niet echt waarneembaar beter, maar zeker niet slechter. Ik ontdek nieuwe manieren om met eten om te gaan. Ik ga er van uit dat ik ondertussen toch ook al een paar kiekens heb gered. Ik denk dat het vooral dat is wat me verder drijft: ik kan geen stuk vlees meer zien liggen zonder te denken aan het menu vol “dead stuff” van Scarlet Thomas. Het idee alleen al gaat me op dit moment echt niet af.

Ik ben nog hard op zoek naar een manier om het goed te doen. Voor mijn omgeving, maar ook voor mezelf. Ik ben dan ook met enthousiasme in het boek van Pollan gedoken. Misschien kom ik uiteindelijk wel ergens halfweg uit?

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden

Ok, paniek om niets (zoals gewoonlijk)

Drie uur was niet haalbaar, halfvijf is me uiteindelijk wel gelukt. Dat van die vis en die sjalotten, dat is helemaal in orde gekomen. Naar goede gewoonte dus: geen klachten 🙂

En toch. Volgende week maandag alweer een feestje. En de zaterdag erna: weer van’tzelfde. Soms heb ik er gewoon geen zin meer in. En aan de andere kant: dan bellen ze weer met zo’n totaal te gek voorstel en dan kan ik het weer niet laten om te zien of het me zou lukken. En ben ik achteraf weer apetrots dat iedereen vraagt of ik ook bij hen kan gaan koken. Maar die preculinaire depressie elke keer, die is er echt teveel aan.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Culinaire Toestanden